Boekweitgrutten - 500 gr

Artikelnummer: Korenmolen De Regt
Aantal: 5

Grutten is de benaming voor gepeld en gebroken graan. Grutten werden voornamelijk gebruikt om er pap of brij van te maken, soms ook om waterige, 'dunne' soep meer substantie te verlenen.

Gortgrutten – of de hele korrel – worden in water geweekt, gekookt en tot slot wordt er karnemelk bij gedaan. Het zo verkregen gerecht heet karnemelksepap. Een ander, tot in de jaren vijftig, gangbaar en geliefd gerecht is van boekweitgrutjes en heetgrutjes-met-stroop of kortweg grutjes. Ook deze grutten werden met water of melk tot een dikke brij gekookt, die met stroop, soms ook een klontje boter, werd gegeten. Afgekoeld en stijf geworden sneed men er plakken van, die werden opgebakken in boter en eveneens gegeten met stroop.

Boekweit
 (Fagopyrum esculentum) is een plant uit de duizendknoopfamilie (Polygonaceae). Polen en in mindere mate Frankrijk zijn nog belangrijke Europese productielanden van boekweit als voedselgewas.

Het is een eenjarige plant met een holle rechtopgaande, zich meermalen vertakkende, rode stengel. De bladeren zijn driehoekig tot hartvormig en bevinden zich verspreid op de knopen. Hetwortelstelsel omvat een zich sterk vertakkende penwortel.

De bloei begint al in een jong stadium, soms al na zes weken, en gaat dan vijfentwintig tot dertig dagen door. De bloemen zijn in langstelige pluimen gegroepeerd, wit tot roze van kleur, en bevatten veel nectar. Op arme gronden bereikt boekweit een hoogte van 50 cm. Voordat de bloei ten einde is zijn er al rijpe vruchten.

Het eetbare zaad zit aan dunne steeltjes die in rijpe toestand makkelijk loslaten. Het heeft een meel- en eiwitrijke inhoud, overeenkomend met die van klaver. Er waren vroeger twee rassen bekend: op de veengronden de Staphorster bruinzwarte en op de zandgronden de Brabantse grijze boekweit. De huidige rassen produceren minder nectar dan de oude rassen. Bij het bewaren moet het zaad droog zijn want het schimmelt gemakkelijk. Eén kilo zaad bevat ± 45.000 zaden.

De vorm van het boekweitzaad komt sterk overeen met die van beukennootjes, al zijn ze beduidend kleiner, ongeveer 6 mm lang. Het zaad kan tot meel worden gemalen, hoewel boekweit beslist geen graan is. Boekweit is een 'pseudograan': de zaden, het meel en alle andere afgeleide producten van boekweit bevatten geen gluten.

Boekweitmeel bevat veel magnesium, kalium en fosfor. Het is voedzaam en licht verteerbaar. Tegenwoordig wordt het ook geteeld voor de geneeskunde.

Boekweit lijkt een graanproduct, maar is het dus niet. Het meel ervan kan goed worden gemengd met dat van granen, bijvoorbeeld als basis voor pannenkoeken. Geroosterde boekweitkorrels heten ook wel 'kasja' en zijn bekend uit de Oost-Europese keuken.

0 sterren op basis van 0 beoordelingen
Wij slaan cookies op om onze website te verbeteren. Is dat akkoord? Ja Nee Meer over cookies »